Libelle Liefde

*

Het regent. Het is gevaarlijk. Ik zou het niet moeten doen.  Je weet nooit of de prins kijkt …

maar ik moet gaan, ik moet leggen … er zijn zoveel …. ik ben zo vol … en ik ben er zat van …

Ik moet onder water toch. De jongens zullen niet achter me aan komen …. ze durven niet te vliegen nu ….

Het zal nog wel een tijdje regenen.

Niet meer denken meid! Gewoon gaan. Kom op! Huplekee meisje!

O, er zijn zoveel eieren – ik moet ze kwijt!!

Eerst de beste plek

O! Ik weet het! In dat zwembad bij dat riet – waar die mensen zijn. Ze zitten daar, naast die grote bak water – het ruikt niet goed, geen geur van vis of bladeren, en er zitten helemaal geen planten in …. heel raar …. maar daarnaast is die bak met riet en lelies, en water dat naar echt water ruikt. Daar kan ik gaan.

Er zijn daar helemaal geen mannen

Alle mannen blijven nu in de velden. Ze gaan daar alleen maar naar toe voor een vette kever of een slome vlinder.

En nu regent het … niemand zal me volgen … ja, ik ga daar. Mijn eieren leggen, en lekker een beetje zitten en uitrusten … 

Hihihi, alsof ik een mens ben – naast zo’n bak water gaan zitten relaxen!

Ah, dat is goed. Goeie plek hier, het voelt goed … ik wou dat ze zo mooi gaan zijn als hun vader 

de prins van de rivier

Hoe mooi was-ie … zo groot en blauw en elegant …. en zo’n goeie jager.

Ik hoop dat ze allemaal goeie jagers zullen zijn, en allemaal mooi …

Zullen ze allemaal blauw zijn? Ik zou wel wat rode en groene kinderen willen hebben ook.

Ach nou ja, als ze eenmaal groot genoeg zijn om uit het water te komen in twee jaar, ben ik toch dood.

Wow! Kijk nou toch! Die mensen zijn echt wel groot! Kijk toch eens hoe langzaam ze bewegen! Ze lijken wel olifanten in slow-motion. Ik kan niet naar ze kijken hoor, ze zijn te lelijk.

Geen kleur, geen vorm … rare schepsels

Maar laat ik me concentreren op m’n eieren … dat was de laatste, denk ik.

Pfoe! Effen een pauze … een dutje in de zon … lekker warm … goeie plek hier …

Jammer dat er niets te eten is. Geen wespen, geen vliegen, veel te vroeg voor muggen …. niet eens een bejaarde ouwe libelle …. Ik zou wel een stukje libelle lusten nu …. jammer … ik moet toch weer terug naar de velden. ‘k Heb teveel honger om nog hier te blijven.

Ok. Dan gaan we maar. Misschien zie ik m’n prins nog …. ik heb wel zin in een kleine flirt ….

hee, wacht ’s effen! Daar is een vlieg!

Hebbes!

 

(* Deze libelle-fantasie was geinspireerd door het bezoek van Mr Ricardo Costa, die een geweldige fotograaf is van wat voor vliegend prachtig insect dan ook. Hij en zijn vrouw waren onze gasten, en tijdens het bezoek presenteerde hij deze prachtige foto*. De echte is een stuk mooier – ik ben niet zo’n goeie fotograaf, en mijn smartphone ook niet.)