Een vlucht van een tattoo studio in Lissabon

Hoe vaak zal het je gebeuren als B&B-eigenaar dat je door je gasten wordt uitgenodigd?

Meestal kook ik voor de mensen, en nu was het een keer andersom.

Voor ons was dat de eerste keer.

Een hele lieve geste

Ze kwamen voor een paar daagjes, Mónica en Dira, en ze waren direct bij aankomst heel enthousiast over het huisje en over het dorp.

Ze wilden even twee dagen weg van de stadse drukte.

Ze wonen vlakbij het vliegveld in Lissabon. Gewend aan stads lawaai, aan de grootsteedse drukte, kwamen ze even bijtanken op het rustige platteland.

Dat er zo nu en dan een tractor voorbij dendert, vinden ze helemaal niet erg.

Voegt juist toe aan dat landelijke gevoel

En ze zijn wel wat gewend met die vliegtuigen vlakbij.

Dira werkt bij een firma die in dure merken zonnebrillen handelt. Er wonen nogal wat ciganos in die buurt, en dan kun je van die situaties krijgen als:

Er komt een man binnen, legt een balletje op de toonbank en zegt: “Geef me een Ray Ban zonnebril.” Hij heeft geen zin om veel woorden te gebruiken. Het balletje is bedoeld als betaalmiddel. Dira´s collega heeft maar 1 seconde nodig, en zegt dan: “Desculpe, dit is veel te veel, maar daar heb ik geen wisselgeld voor.”

De cigano is even verbluft

maar lacht dan hard en zegt: “Hee, jij bent een goeie goser!”

Terwijl hij wegloopt, zegt hun nogmaals: “Een goeie goser.”

Iedereen haalt opgelucht adem. Je kan het beter niet aan de stok krijgen met de ciganos.

Als je niet doet wat ze willen, kunnen ze je het heel lastig maken.

Mónica kreeg ook met ze te maken.

Zij heeft een tattoo-studio

“Wat ben je duur”, zeggen ze tegen haar, “Voor ons kan het toch wel wat minder? Daar-en-daar vragen ze maar zoveel.”

“Nou, best” zegt Mónica dan keihard, “dan ga je toch naar daar-en-daar? Ik vraag zoveel. Punt.”

Ze weet maar al te goed dat als je 1 millimeter ruimte open laat, daar direct misbruik van gemaakt wordt. En ze heeft geen zin om alle ciganos in de buurt voor zo goed als niks te tatoeëren.

Wij rillen en genieten van die grote-stads-verhalen onder het geweldige diner dat ze gemaakt hebben. Bacalhau (natuurlijk) maar op een manier die ik nog niet ken, een uitgebreide salade (mijn favoriet), portobello’s in een heerlijke roomsaus …. de hele mesa-de-apoio staat vol met mooi opgemaakte schalen.

Het lijkt veel te veel

maar als het lekker is, eet iedereen meer dan normaal. We komen een heel eind.

Broes en Hugo, mijn zoon en een vriend van hem, Mónica en Dira praten in een raprap portugees, waar ik alleen de grote lijn van kan volgen. Dit slang beheers ik niet. En ik kan al helemaal niet zo antwoorden. Het lukt me tegenwoordig wel om nonchalant langs m’n neus weg “pois, pois” in een conversatie te gebruiken, maar “Pronto!” gaat me nog steeds niet goed af.

Pois betekent zoiets als jaja, okee, goed – en pronto is het spaanse Vale, het franse Tiens, het engelse I say, het duitse schon gut.

In je eigen taal kun je alle accenten en dialecten wel plaatsen, maar in een andere taal is dat een stuk lastiger. Ik hoor niet of iemand uit het noorden of uit het zuiden van Portugal komt – zij wel. Ook mijn zoons horen die verschillen. Het is blijkbaar al genoeg als je ergens bent opgegroeid en op school gegaan bent van jongs af aan. Je hoeft er niet in geboren te zijn.

Het is een aardig gespreksonderwerp

Zo vaak gebeurt het ons nu ook weer niet dat we met portugezen uitgebreid op het een en ander kunnen ingaan. Meestal blijft het bij een gezellig praatje.

Dit dinertje was voedsel voor het lichaam en voor de geest!

.

.

cigano – zigeuner

desculpe – neem me niet kwalijk, sorry

mesa-de-apoio – bijzettafel