15 meter dode palmboom

“Stop nou even, sufferdje, je kan het toch gewoon vragen?” Ik ben wel vaker onbeleefd tegen mezelf, dat is niet erg, ik ben eraan gewend. Ik was onderweg van Figueira naar huis en reed langs een landje met omgezaagde bomen, waar er nog steeds mensen aan het werk waren. Het geluid van motorzagen is niet bepaald aantrekkelijk, dus de neiging om er hard langs te rijden is groot.

Maar ik zoek al een tijdje een goeie bomen-omzager, dus dit is wel een kans. Die kan ik maar beter niet laten glippen.

Even een praatje maken, en hopelijk kunnen we dan iets afspreken

Ik stop, en rij achteruit terug. Er staat een vrouw aan het begin van het landje, ze lijkt een soort van opzichter. Dat zie je vaker – een team hardwerkende mannen met een vrouw aan het hoofd. Gek eigenlijk, in zo’n traditioneel land als Portugal, denk ik vaag, maar geen tijd voor dit soort filosofieën, mijn aandacht moet nu naar wat ik te vragen heb.

Het wordt me heel makkelijk gemaakt. Hee, ben ik niet de dona das Termas? Ja, kijk eens aan, en heeft mijn zoon niet op school in Paião gezeten? Jazeker, wat leuk, en kijk:

ik heb een uitdaging voor jullie

Je moet problemen zo makkelijk mogelijk voorstellen, heb ik geleerd, en er zeker niet bij fronsen, want dat werkt besmettelijk. Dan gaat je gesprekspartner ook fronsen, en dat is het teken voor: “Opgelet, moeilijkheden, hier wordt iets ingewikkelds gevraagd, daar kun je beter niet je handen aan branden, wespennest, voetangels en klemmen, voor je het weet heb je je in een onmogelijke positie gewerkt!” – en dan zit je op een heel verkeerde weg.

Ik wil namelijk heel graag dat ze langs komen om een onmogelijk hoge palmboom om te zagen

En die staat ook nog eens een keer op een onmogelijke plek.

En nu is een palm misschien leuk om te zien, maar het is naar volk. Ze zitten vol met stugge vezels waar je zaag snel bot van wordt, en met een zurige vloeistof die ruikt als iets wat het midden houdt tussen een lang niet schoongemaakte kattenbak en een vergeten gymtas met gebruikte sportkleding.

Niemand met bomen-zaag-ervaring is er dol op

Toen-ie nog in leven was, vroeg ik me al af hoe hoog een palmboom kan worden, en wanneer het stopt, en wat er dan gebeurt. Het leek alsof deze het “Toren-van-Babylon-syndroom” had.

Al die vragen waren prematuur, want voordat ze ook maar een beetje relevant waren, ging de boom dood aan de palmboomkever.

Palmboomkeverbabies eten zich gestaag van bovenaf door de hele boom heen. Ik had al een paar dode palmbomen, maar die waren een stuk lager. Die waren omgevallen. Niet erg, maar dit was een ander verhaal.

Dit was 15 meter dooie palmboom

Ah! Ze kennen de dode boom ook nog, ze komen er weleens langs. Mooi! We spreken af voor komende zaterdag, dan komen ze eens kijken.

Ik stap blij weer in de auto, en realiseer me pas later, dat ik het wéér gedaan heb. Ik had het nu wel eens kunnen weten! Stom!

Ik heb mijn nummer achtergelaten, maar ik heb hun nummer niet.

Donders!

En natuurlijk gaat het zoals dat altijd gaat: de komende zaterdag is er niemand te zien.

Ik zit er niet lang mee. Zo gaat dat nu eenmaal in Portugal.

Acht zaterdagen later, als ik nietsvermoedend lekker even zit te lunchen achter mijn laptop om een filmpje te kijken, wordt er buiten geroepen: “Olá! Dona Helena!” Twee mannen op de stoep. Een van hen komt me vaag bekend voor – of ik hen nog ken? Eh …. ja …..

Maar ‘t is snel duidelijk, en het is ook snel duidelijk dat ze niet komen om te praten, maar om effen een palmboom om te zagen.

Ok, prima, best, eh … hoe hadden jullie gedacht dat …. ?

Geen punt hoor, ze komen er wel uit. Of ik een ladder heb?

Dat blijkt al heel snel een grapje, dus van boven naar beneden werken wordt het niet. Dan maar gewoon gelijk de zaag erin aan de basis. Kwestie van een driehoek eruit zagen op de juiste plek, en de andere man met een touw om ‘m de goeie kant op te trekken.

Voor mij is dit het hogere loslaten. Als die boom een andere kant op gaat vallen, is er geen man en geen touw die dat tegen gaat houden. Maar, vertrouwen, L.!

Geheel terecht, blijkt. Dat monster van 15 meter hoog met minstens 1 meter doorsnee en een veel te hoog BMI kan maar 1 kant op, met een foutmarge van ongeveer 0,1%.

Hij komt precies op de goede plek terecht. Hij raakt zelfs niet eens een nespereira* die net buiten die foutmarge van 0,1% staat. Ongelooflijk knap van die mannen.

Opgelucht ga ik er maar eens wat bier bij halen. Als ik terug kom, heeft de baas in de gauwigheid van de rest van de stam een gemakkelijke stoel gemaakt.

Nou ja, allez, gemakkelijk ….

.

.

.

 

*een nespereira is een typisch portugese fruitboom, die altijd groen blijft. De vruchten lijken een beetje op abrikozen, maar zijn rinser van smaak.

 

Elke week een blogje over wat er zo om ons heen gebeurt. Lichte kost, makkelijk te lezen, een paar minuutjes in een andere wereld. Even wat meer weten over hoe het reilt en zeilt in Portugal. Mocht je je vakantie naar Portugal plannen, zou dit een goede voorbereiding kunnen zijn.

Je kunt je abonneren:

Dan krijg je het elk weekend in je bus.

Op zondagochtend publiceren we de link op onze Facebookpagina, op Google+, op Pinterest, en op dinsdagochtend op LinkedIn